Hendrik Jan van Lummel

In het voorjaar van 2011 heeft het Volksbuurtmuseum aandacht geschonken aan de schoolplaten van Hendrik Jan van Lummel. Voor de geïnteresseerden: het NVBM heeft een uitgebreide documentatie over Hendrik Jan van Lummel opgebouwd.

De inleidende tentoonstellingstekst:

Hendrik Jan van Lummel is op 19 november 1815 geboren te Amersfoort als zoon van de huisschilder-onderwijzer Hendrik van Lummel en Grietje Spijker. Hij trouwde op 30 november 1840 te Amersfoort met Maria Elisabeth Vergeer. Uit dit huwelijk werden elf kinderen geboren, negen zoons en twee dochters. Drie kinderen overleden op jonge leeftijd. Vier van zijn zoons waren later ook onderwijzer. Hij overleed in Utrecht op 18 september 1877 en werd onder grote belangstelling op Soestbergen begraven.

De grootste wens van de jonge Hendrik was om zendeling in Nederlands Oost-Indië te worden. Zijn vader overleed echter toen Hendrik 16 jaar oud was; hij moest dus de kost gaan verdienen. Meer dan een aanstelling als hulponderwijzer zat er niet in. Dus studeerde hij fanatiek, naast zijn werk, voor onderwijzer derde en tweede rang, terwijl hij zich verder onder meer in de wiskunde en de moderne talen bekwaamde.

Op 27 juli 1840 werd hij benoemd tot hoofdonderwijzer aan de openbare school in Houten. Daar kreeg hij te maken met zo’n tweehonderd kindertjes ‘uit de klei’. Het leven van een dorpsschoolmeester was geen vetpot. Hij moest voor een goed deel van het schoolgeld leven, dat door de ouders werd opgebracht. Daarnaast verdiende hij wat bij als voorzanger in de kerk, waar hij om de Houtense boeren te overstemmen een chronische keelkwaal opliep. Hij was geen onverdienstelijk schilder en maakte tegen betaling uithangborden, opschriften, wapenschilden ‘waarvan de dorpsschilder geen weg wist’.

In 1848 kreeg hij een aanstelling als hoofdonderwijzer aan de vierde Diaconieschool der Nederduitsch Hervormde Gemeente (later de Tussenschool met een opleiding voor aanstaande onderwijzers) aan de Springweg te Utrecht. Op deze Tussenschool kon hij zijn pedagogische kwaliteiten volop kwijt.

In zijn tijd was van Lummel een veelgelezen schrijver, hij publiceerdeeen groot aantal (jeugd)-boeken en artikelen over het onderwijs, maar vooral over de vaderlandse geschiedenis, waarvan vele geïnspireerd waren door de Tachtigjarige Oorlog en de kerkhervorming. Zijn bekendste werk was de ‘Utrecht-trilogie’: ‘De smidsgezel van Utrecht’, ‘De hopmansvrouw van Utrecht’ en ‘De bijlhouwer van Utrecht’. De boeken hadden vaak een anti-katholieke toonzetting, waarbij hij overigens niet de bedoeling had om onverdraagzaamheid te prediken.Het meeste van zijn werk werd uitgegeven bij Kemink & Zoon te Utrecht

Van Lummel was samen met de Groningse Nutskweekschooldirecteur Berend Brugsma dé pionier op het gebied van de Nederlandse schoolplaten. Hij tekende ze zelf en voorzag ze van een uitgebreide handleiding voor het klassikale aanschouwelijke onderwijs op de protestant-christelijke volksscholen. De eerste serie verscheen in 1857, een tweede in 1862. Ze beleefden vele herdrukken, werden regelmatig gemoderniseerd en zijn ook in de buurlanden uitgegeven. Een bijzondere serie platen, ook met handleiding, was die ‘ten gebruike bij het onderwijs in de bijbelsche geschiedenis’. Deze serie is nog in 1927 voor het katholieke onderwijs bewerkt!

Het doel van zijn werk was het beschaven van de jeugd uit de volksklasse door het bijbrengen van burgerlijke normen en waarden in protestants-christelijke zin. Van Lummel kan gezien worden als inspirator van de latere, veel bekendere schoolplaatontwerpers Koekkoek, Jetses en Isings.

De schoolplaten die in de expositie getoond werden, behoren tot de topstukken van het Nationaal Onderwijsmuseum te Rotterdam; een deel van de bijzondere platen kwam uit een particuliere collectie.

© NVBM - 2011